Gedrag - The Newf Society

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:


Het gedrag van de hond met z'n vele aspecten.

De mogelijkheden van de hond worden
voor een groot deel bepaalt door de
beperkingen van de eigenaar



WAT IS GEDRAG?
                                  
Het gedrag van de hond omvat alles. U zult wel denken: Ja dat is lekker makkelijk, hier kan ik niets mee.

Als we het over het gedrag van de hond hebben dan wil dat zeggen dat door alles wat de hond ziet, hoort, voelt en ruikt hij/ zij een houding laat zien die op dat moment bij zijn  gemoedstoestand hoort.

In gedragstermen hebben we het over de zgn. Black Box. Dat wil zeggen dat de hond eerst externe prikkels nodig heeft (bv zien, ruiken, enz.) die bij hem/haar binnenkomen voordat hij/zij kan reageren. Op het moment dat deze prikkels binnenkomen zorgt dit ervoor dat de hond een motivatie krijgt.

Als de hond externe prikkels en motivatie samenvoegt komt hij/zij tot een gedragshandeling.   
 
    -vb. uw hond ziet een andere hond = externe prikkel

  • uw hond ziet wat de andere hond van plan is en dit zorgt er bij uw hond voor dat er een interne toestand optreedt = motivatie


  • uw hond reageert door bv tegen de andere hond te grommen = gedragshandeling



conflict vemijding, de witte hond kijkt weg
dit is een gedragshandeling
__________

check - look (kijk naar de ogen van de wit - zwarte hond)




ONTWIKKELING VAN HET GEDRAG:


"Aangeboren" versus "aangeleerd"

Het bestaan van een individu begint als een bevruchte eicel. Er volgt een periode van snelle ontwikkeling, tijdens welke zich niet alleen de uiterlijke vormen differentiĆ«ren met het tot stand komen van weefsel en organen, maar onverbrekelijk daarmee verbonden ontwikkelen zich ook de functies van de hond.  Ook het gedrag, te beschouwen als de geĆÆntegreerde reacties van het dier t.o.v. zijn omgeving nemen in complexiteit en gedifferentieerdheid toe. Het gedrag van de hond wordt in de baarmoeder reeds gevormd. Het ontwikkelingsproces verloopt het snelst tijdens de jeugd, maar komt eigenlijk nooit geheel tot stilstand. Ook in latere fasen van het leven kan nog nieuw gedrag tot ontwikkeling komen en worden reeds bestaande gedragingen gewijzigd en anders afgestemd in antwoord op de invloeden uit het milieu van de hond.     
                                          
Elk biologisch verschijnsel, dus ook gedrag, is het resultaat van een ontwikkelingsproces waarin genetische factoren en omgevingsinvloeden niet te scheiden zijn. De erfelijke informatie is in wezen een proces dat in  interactie met invloeden uit de buitenwereld tot ontwikkeling leidt en dus tot een bepaald eindresultaat of fenotype (bron: Van Hooff, J.A.R.A.M. Inleiding tot de Gedragsleer of Ethologie 8e uitgave 1988.Vakgroep Vergelijkende Fysiologie van de universiteit Utrecht).

Nu we enig inzicht hebben gekregen in het ontstaan van gedrag is het van belang dat we een overzicht krijgen in de verschillende vormen van leren:


VORMEN VAN LEREN:


1: inprenting
2: associatieleren  

  • 2.0 - habituatie

  • 2.1 - klassieke conditionering

  • 2.2 - operante conditionering                                                                          

3: latent leren
4: imitatie leren

UITLEG:

Ad 1:  de inprenting vindt plaats in de eerste drie levensmaanden. De belangrijkste  socialisatieperiode vindt al plaats bij de fokker. Van de 3e tot en met de 5e levensweek (1e socialisatieperiode) vindt reeds een blauwdruk plaats welke mede bepalend zal zijn voor de rest van zijn leven.



Verder is bekend dat de periode van de 8e tot en met de 12e levensweek (2e socialisatieperiode) erg belangrijk is. Een gedeelte van deze periode ligt bij de nieuwe eigenaar.
      
Ad2: het proces waarbij een hond t.o.v. soortgenoten (en/of de mens) het juiste sociale gedrag leert te ontwikkelen.


onderwerping


Ad 2.2.0: de hond leert dat er een diversiteit aan omgevingsprikkels is. De hond went aan bv verkeer, stofzuiger, televisie enz. In de volksmond staat deze periode bekend als de "socialisatieperiode". Het is een vorm van leren waarbij de hond actief leert dat hij specifieke prikkels zonder betekenis negeert. De hond voorkomt hiermee overbodige energieverspilling (hij hoeft bv niet constant te vluchten).

Ad 2.2.1: een vorm van associatie leren, waarbij de hond een verband leert te leggen tussen een neutrale prikkel en een respons opwekkende prikkel, zodat na herhaalde koppeling de neutrale prikkel zelf in staat is de respons op te wekken (iedereen kent wel het Pavlov-effect).

Ad2.2.2: een vorm van leren waarbij de hond,wanneer hij  voor een onoplosbaar probleem komt te staan  allerlei gedragshandelingen vertoont die hem nader tot zijn doel brengen (beloning)(onderzoek door Skinner). Deze manier van leren is erg zelfbelonend en dus erg snel aangeleerd.

Ad 3: toevallig opgedane informatie kan als leerervaring werken. Deze manier van leren speelt een grotere rol dan men denkt. Ook het opdoen van onbeloonde ervaringsindrukken kunnen tot geordende denkbeelden leiden, bv ruimtelijk inzicht, de sociale omgeving, wie is wie en bv oorzaak en gevolgsituaties.

Ad 4: een proces waarvan sprake is als een dier gedrag kopieert van soortgenoten.


SHAPING / CHAINING

Nadat we de verschillende vormen van leren hebben doorgenomen is het van belang dat als we de hond een gedragshandeling  willen aanleren dit stapsgewijs doen. Stapje voor stapje leren we de hond iets aan. Dit wordt ook wel shaping genoemd. Officieel is de uitleg van shaping: een trainingstechniek, waarbij stapsgewijs d.m.v. operante conditionering een nieuwe gedragsactiviteit wordt aangeleerd die geen deel uitmaakt van het normale gedragsrepertoire.
Indien we de verschillende fasen van een aan te leren gedragshandeling hebben doorlopen gaan we de verschillende onderdelen van elkaar vastmaken, dit wordt ook wel chaining genoemd. Zie het als een soort ketting die steeds langer wordt door er telkens een schakel aan vast te maken.

Een zorgvuldig opgebouwde oefening leidt tot het aanleren van gewenst gedrag.

Enkele voorwaarden voor het aanleren van een gedragshandeling zijn:

  •    geen afleidende prikkels (bv beginnen met oefenen in de woonkamer)

  •    geen angst/ agressie tonen of opwekken

  •    stapsgewijs aanleren van gewenst gedrag

  •    een gedragshandeling tegelijk aanleren



CORRECTIE / BEKRACHTIGING

Correctie is een techniek om de kans op een gedragsreactie te laten afnemen. Een correctie is elke prikkel die, wanneer deze onmiddellijk volgt op een gedragshandeling, de kans op het optreden van dat gedrag na verloop van tijd vermindert.

Er zijn 2 verschillende manieren van correctie:

A: positieve correctie

B: negatieve correctie

Ad A: Positieve correctie is het toedienen van een onaangename prikkel.

  • B.v. de hond ligt te kauwen op de afstandsbediening van de tv. U geeft hem een tik over de neus om de hond te laten merken dat u dit onaanvaardbaar gedrag vindt.


  • Een ruk aan de slipketting, stroomstoot geven, hond laten verliezen


Het dient te worden opgemerkt dat het gebruik van een positieve correctie  over het algemeen wordt afgeraden bij het trainen van dieren (kijk maar naar de training van dolfijnen).

Ad B: Negatieve correctie is het verwijderen of onthouden van een positieve prikkel, die de hond graag verwerft, direct volgend op een gedragshandeling van de hond, waardoor de frequentie van die handeling in de toekomst zal afnemen.

  • b.v. een time-out (onthouden van sociaal contact)


  • wegnemen van lekker voer


  • weglopen van de eigenaar


Het is van belang om in te zien,dat in tegenstelling tot wat er gebeurd bij een positieve correctie, bij een negatieve correctie geen sprake is van het toedienen van pijn bij de hond.

Bekrachtiging heeft als resultaat dat er een toename optreedt in de frequentie van bepaald gedrag hetzij gewenst of ongewenst gedrag. Een positieve bekrachtiger is het toedienen van een prikkel die een hond door gedrag probeert te verwerven (b.v. voedsel voor de hond). Gedrag dat gunstige gevolgen heeft wordt bekrachtigd en zal dus in de toekomst herhaald worden. B.v. de clicker, een balletje, hond laten winnen, voer geven.

Een negatieve bekrachtiger is elke prikkel die wanneer deze wordt verwijderd, verminderd, onthouden of voorkomen, na verloop van tijd eveneens de kans op een bepaalde gedragsreactie zal verhogen. B.v. verjagen van een indringer, onthouden van een correctie.

HET VERDIENT ALTIJD DE VOORKEUR BIJ HET TRAINEN VAN DE HOND OM RESULTATEN TE VERKRIJGEN DOOR GEWENST GEDRAG TE BELONEN EN ONGEWENST GEDRAG TE NEGEREN.

Het negeren van ongewenst gedrag wordt ook wel extinctie (uitdoving)  genoemd. Als de hond gedrag laat zien welke gunstig of ongunstige gevolgen heeft zal dit meestal na verloop van tijd verdwijnen, oftewel uitdoven.


WAT IS RANGORDE?


Rangorde is een geordende verdeling van rechten en plichten van voorgaan en achterstellen binnen een groep dieren (roedel mens-dier of roedel honden) die samenleven.


WAT IS DE FUNCTIE VAN RANGORDE?

Het vestigen van een rangorde  voorkomt voortdurende heftige conflicten die schadelijk zijn voor individuen en het functioneren van een groep dieren (honden).

  • honden zien mensen als roedelgenoten ( de meeste honden zullen dan ook een dominante of submissieve (onderdanige) relelatie met hun eigenaar aangaan.


  • een dominante of submissieve (onderdanig) relatie met hun eigenaar aangaan).


  • de kans op gedragsproblemen is geringer als de hond de laagste plaats inneemt.


  • situatie gebonden rangorde (een hond kan t.o.v. de eigenaar dominant zijn in sommige situaties en niet in andere (b.v. op het trainingsveld of bij de voerbak).


  • niet alle honden houden zich evenveel bezig met dominantie.


  • eigenaren van dominante honden moeten bewust bezig zijn met het onderhouden van hun dominante status over de hond.



RANGORDE PROBLEMEN IN HET GEZIN KUNNEN ZICH UITEN ALS:

Ongehoorzaamheid / onhandelbaarheid

  • kan een probleem op zich zijn;


  • kan bovendien de inleiding vormen tot rangordeconflicten;


  • wordt door de eigenaar veelal niet als probleem ervaren.


Dominante agressie:

  • ontstaat mede doordat de eigenaar niet adequaat reageert op de signalen die de hond uitzendt;


  • de eigenaar vindt het gedrag dan ook vaak onvoorspelbaar;


  • realiseert zich dus niet dat hijzelf de prikkelbron is.


Submissie

  • de baas is te dominant (b.v. als de hond onderdanigheidplasjes doet).


submissief gedrag



GEZIN EN RANGORDE:

Binnen een "natuurlijke" roedel bestaat een strikte rangorde. Een hond zal binnen het gezin dan ook zijn rangorde (plaats) bepalen, ongeacht of de menselijke roedelgenoten dit leuk vinden of niet. Er is binnen een gezin maar een juiste rangorde en dat is de rangorde waarbij de hond de laagste plaats inneemt. De positie die baby's en kinderen innemen binnen een gezin ten opzichte van de hond innemen is alleen hoger als er een volwassene bij is. Dit is dan ook de belangrijkste reden om de hond nooit alleen met kinderen te laten.

De eigenaar van een hond dient leiding te geven. Hij zorgt dat er binnen het gezin  een duidelijke, rustige en stabiele sfeer is. Indien de mens NIET duidelijk de leiding op zich neemt zullen de meeste honden van nature geneigd zijn bij gebrek aan beter zelf de leiding dan maar op zich te nemen.

Andere honden, die van nature minder dominant zijn, kunnen angstig en onzeker reageren bij het uitblijven van duidelijke consequente leiding.
Hoe kun je nu vaststellen wie binnen het gezin de dienst uitmaakt?

  • Het van groot belang dat men in verschillende situaties op de hond let, m.n. verschillende interactie tussen hond en baas.


  • De hond zal zo nu en dan in verschillende situaties in een lage houding aan de baas aan moeten geven dat hij de baas ook als zodanig erkent. Er is voor een hond geen enkele reden om een commando op te volgen als hij geen respect heeft voor zijn baas.


  • Ranghoge honden trekken vaak aan de riem en sleuren de eigenaar van boom tot boom. Een ranghoge hond laat zich niet aanhalen en zal zich ook niet laten borstelen of kammen als het de hond niet uitkomt. Ranghoge honden maken ook aanspraak op een bank of een bed en zullen deze indien nodig ook ten opzichte van de eigenaar verdedigen, desnoods met agressie. Een dominante hond zal zijn verworven rechten niet gauw prijsgeven.


Wanneer begint een hond met het bepalen van de rangorde?

  • Dit begint al vanaf de leeftijd van 12 weken.


Honden communiceren met elkaar d.m.v. lichaamstaal (staart, oren, vacht, ogen enz.).

lichaamstaal

zwarte hond trekt linkerlip op en laat tanden zien

staarten

oren van de witte hond staan in de hoge stand

Wij, mensen, moeten dit ook doen. Het gedrag van de baas moet zelfverzekerd zijn. T.o.v. de hond mag de baas niet aarzelen. De houding van de baas moet hoog zijn, niet voorovergebogen en zeker niet met het hoofd lager dan de hond. Bij pups en onzekere honden kunnen we dit gedrag wel laten zien.



Tijdens het spelen met de hond moet de baas altijd proberen hoger te blijven dan de hond. Een onderdanige hond maakt altijd plaats voor zijn meerdere. Op de hond inlopen en ervoor zorgen dat hij aan de kant gaat is dominant gedrag (b.v. stofzuigen). De baas geeft tijdens de wandeling de route en het tempo aan. Het afpakken van een speeltje en voer is heel erg dominant.

Het afpakken van voer is af te raden. Ik hoor het u al zeggen: "Ja maar als baas moet ik dat kunnen doen bij de hond". Gebeurt het in de natuur ook?. Nee, een ranghoge hond zal geen eten van een ranglage hond afpakken, want ook een ranglage hond heeft recht op eten. Als dit in de natuur zou gebeuren zou dat betekenen dat een ranglage zou verhongeren en dat zal in een roedel niet gebeuren.

Als uw hond baknijd heeft dan doet u het volgende: u zet een lege etensbak neer en laat de hond zien dat deze leeg is. In plaats dat u een volle etensbak weghaalt met uw hand, gaat u nu elke keer een handje eten in de lege bak gooien. De hond krijgt vertrouwen in de hand, want de hand brengt alleen maar eten en pakt niet af. Elke keer als de bak leeg is gooit u weer een handje brokken in de bak en zo lost u het probleem op.

Voorkom de volgende fouten:

  • laat de hond niet tegen u opspringen


  • laat de hond niet op u rijden


  • laat de hond  niet eindeloos poten geven, met de neus tegen u arm aandrukken, piepen of uitdagend blaffen


  • vertroetel  de hond niet onverdiend



AGRESSIE BIJ HONDEN:

Wat is agressie?

Het is een algemene term voor alle elementen van aanval -, verdedigings -, dreig - en vluchtgedrag.

Wat is de functie van agressie?

  • zelfbehoud


  • het is een hulpmiddel voor de hond om zijn doel te bereiken


We kennen verschillende vormen van agressie.

Men kan agressie opsplitsen in:

  • dominantieagressie (de hond heeft een hoge houding en is zeker van zijn zaak. Er bestaat een verschil tussen dominantie agressie richting mensen en dominantieagressie richting honden. De hond trekt zijn lippen op en laat alleen het voorste gedeelte van het gebit zien);


  • angstagressie (de hond heeft een lage houding met de daarbij behorende kenmerken, zoals b.v. oren naar achteren, tanden laten zien) (de hond trekt zijn lippen op en laat het hele gebit zien);


de wit - zwarte hond laat angstagressie zien


  • pijn gerelateerde agressie (b.v. bij acute pijn, chronische pijn (agressie is dan wel iets minder), de hond waarschuwt niet;


  • maternale agressie (bij teven tijdens de dracht, bij geboorte, als ze pups hebben, bij schijndracht);


  • territoriale agressie (het territorium wordt verdedigd t.o.v. soortgenoten of andere mensen, tevens kunnen daar mand, huis, uitlaatgebied, auto en lengte van de riem mee worden bedoeld);


  • redirectie agressie (omgerichte agressie) (De hond richt zijn agressie op een voorwerp of een individu (mens of dier). De agressie richt zich op degene die het dichtst bij de hond staat en meestal niets met het conflict te maken heeft).


Een aantal gedragselementen van agressie zijn: verstarren, aanstaren, grommen, (grom)blaffen, tanden ontbloten, happen, uitvallen en bijten.

Om te bepalen met welke vormen van agressie we te maken hebben kunnen we onderscheid maken in verschillende  lichaamshoudingen;

  • Zekere dominantieagressie: staart hoog, oren naar voren


  • Onzekere dominantieagressie: staart hoog, oren naar achter of afwisselend naar voren en naar achter


  • Angstagressie: staart laag, oren naar achter of afwisselend naar voren en naar achter. Staart laag en oren naar voren of staart hoog en oren naar achter kan wijzen op geconditioneerde angstagressie. De tweede vorm is bijna niet te onderscheiden van onzekere dominantie - agressie



ANGST BIJ HONDEN:

Wat is de functie van angst?

  • het geeft de hond een overlevingskans, omdat de hond in staat is bepaalde gevaarlijke situaties te voorkomen of te vermijden.


Wat kun je zoal observeren bij een angstige hond?

  • de hond heeft een lage houding ( staart tussen de poten, door de achterpoten zakken, voorpootje heffen en op de rug liggen met de staart op de buik


  • de  hond laat stresssignalen zien( hijgen, tongelen, gapen en bek aflikken)



tongelen ( tong gaat over de neus)
___________

gapen
_________

bek aflikken


  • de hond kan steun zoeken bij de eigenaar


  • de hond kan wijken voor een bepaalde situatie


EXTREME ANGST:

Bij extreme angst zien we dat een hond in houding verandert;

  • de hond bevriest en staat stokstijf stil


  • de hond begint te trillen


  • de hond geeft uitscheiding in de vorm van urine, ontlasting of anaalklieren


  • de hond probeert te vluchten of


  • de hond gaat vechten


Dat een hond angst laat zien is geen enkel probleem, het maakt de hond voorzichtig in  zijn gedrag. Wel belangrijk is dat de hond herstelt van zijn angst. Het gaat dus met name om de mate van herstel. Als een hond een dag nodig heeft om te herstellen van zijn angst is dit te lang.

Bij angst is er sprake van een verhoogde hartslag en bloedsuikerspiegel, er gaat extra bloed naar de spieren en er is een remming in de spijsvertering.

Een hond die angstig is neemt geen eten aan.

HONDEN DIE NIET ALLEEN KUNNEN ZIJN:

Bij honden die niet alleen kunnen zijn moeten we onderscheid maken in:

A: honden die niet alleen kunnen zijn zonder verlatingsangst en vernielen

B: honden die niet alleen kunnen zijn met verlatingsangst

Ad A:  

  • Als de hond b.v. medische problemen heeft zoals tandjes die doorkomen of last van zijn anaalklieren


  • Als de hond zo geconditioneerd is dat hij keer op keer de koelkast of de vuilnisemmer leeghaalt (voedselbeloning)


  • Als de hond te weinig prikkels heeft en dus uit verveling gaat vernielen


  • Als de hond b.v. vanuit de woning prikkel voorbij ziet komen in de vorm van joggers en postbode enz.


Ad B:

  • Een oudere onzekere hond kan verlatingsangst krijgen


  • Een hond kan door een traumatische ervaring last van verlatingsangst krijgen, daarbij kan gedacht worden aan verandering van eigenaar, onweer, inbraak


  • Een hond kan ook niet aangeleerd zijn om alleen gelaten te worden


  • Een te sterke binding met de eigenaar kan funest zijn. Een te sterke binding uit zich in het feit dat de hond als een schaduw achter de baas aanloopt, een heel triest  gezicht laat zien als de eigenaar van huis gaat. Er een overbegroeting plaats vindt als de eigenaar thuis komt. Het zijn vaak honden die bij de eigenaar op de bank zitten of veel aan of op de voeten liggen. Deze honden trekken vaak graag de aandacht van de eigenaar of andere mensen.



ONZINDELIJKHEID:

Onzindelijkheid wordt vaak als een groot probleem gezien.  Voor de meeste mensen is er voor het plassen en poepen (defeceren) in huis geen aanleiding. Men denkt vaak dat de hond dit doet omdat hij de baas wil pesten of omdat hij zijn zin niet krijgt. Toch is er vaak wel meer aan de hand dan men denkt. Er  zijn verschillende vormen van onzindelijkheid.

  • onzindelijkheid


De hond plast of poept in huis. Het maakt niet uit of de baas aanwezig is of niet. Men vindt vaak grote hoeveelheden urine op een of meerdere plaatsen. Deze vorm van onzindelijkheid komt
voor bij zowel reu als teef

  • markeren


De hond plast in huis. Het maakt niet uit of de eigenaar thuis is of  niet. Men vindt de urine op meerdere plekken in huis. Het zijn vaak kleine plasjes. Dit gedrag komt het meest bij reuen voor. Dit gedrag ontwikkelt zich na de sexuele rijpheid

  • submissief urine


De hond plast als de eigenaar of een vreemde deze nadert. De hond ligt vaak op rug en heeft de oren naar achteren en de staart naar beneden (of op de buik). Dit gedrag komt zowel bij reuen als teven voor. Meestal komt dit gedrag voor bij puppies

  • urineren door opwinding


De hond plast als er een opgewonden begroeting plaatsvindt. Het kan ook gebeuren bij spel of als de hond springt. Het komt voor bij  alle leeftijden


  • door angst ingegeven uitscheidingsproblemen


Het betreft hier plassen en poepen dat optreedt als er een angstopwekkende prikkel plaats vindt. Het is maar net waar de hond bang voor is (b.v. harde geluiden, straf of vreemd mensen). Het komt voor bij zowel reuen als teven en is niet aan leeftijd gebonden.


Voor alle hierboven genoemde vormen van onzindelijkheid is een therapie mogelijk. Een gedragstherapeut kan u hierin begeleiden.


GENTLE LEADER:

De Gentle Leader (GL) is een hulpmiddel in het trainingsprogramma om b.v. een hond niet meer aan de lange lijn te laten trekken. De GL wordt voor talloze doeleinden gebruikt.

Met regelmaat ziet men een hond met een bandje over de neus aan een lange riem lopen. In de begintijd van de GL werd veelal gedacht dat alleen agressieve honden deze droegen. Op het ogenblik ziet men steeds vaker honden met een GL lopen. Het gebruik van een GL dient uitvoerig uitgelegd te worden. Indien men van een GL gebruik maakt mag men absoluut geen gebruik maken van lange riemcorrectie in verband met nek- of rugblessures.

Wat is het verschil tussen een GL en een Halti?

Het riempje van de GL onder de bek kan vastgezet  worden en bij de Halti vormen de riempjes een driehoek waardoor de hond meer ruimte heeft.

Zowel een GL als een Halti  dienen samen met het oog van de halsband aan de lange lijn vastgezet te worden. Mocht de hond losschieten dan zit hij altijd nog vastgekoppeld aan de halsband en de lange riem.


BENCH EN BENCHTRAINING:

Er zijn diverse benches op de markt en vele hondeneigenaren maken er gebruik van. Ze zijn er in diverse maten en materialen. Van een bench  wordt veelal gebruik gemaakt tijdens de zindelijkheidstraining tijdens de periode dat de hond begint met slopen van allerlei spullen.

Het is ook makkelijk om de hond in de bench tijdens de autorit te vervoeren. Een hond die los zit in de auto kan bij een onverwachte noodstop als projectiel door de voorruit gelanceerd worden.

Hoe leert men de hond aan om in de bench te gaan.

De bench moet op een rustige plaats staan, dus niet in een looppad of op een plaats waar de hond makkelijk  naar buiten kan kijken (b.v. in de gang bij de voordeur).

Men gooit een brokje in de bench en laat de hond dit brokje pakken. Als men dit een paar keer doet gaat de hond dit normaal vinden. Als dit goed gaat kan men zijn eten geven in de bench. Vervolgens gooit men een brokje in de bench en doet het deurtje even dicht. Dit hoeft allemaal maar heel kort te duren. Als dit goed gaat breidt men de tijdsduur uit. Haal de hond nooit uit de bench als hij zit te blaffen of te janken, want dan beloon je de hond voor zijn gedrag.



BRONVERMELDINGEN:

  • Van Hooff, J.A.R.A.M. Inleiding tot de Gedragsleer of Ethologie 8e uitgave 1988.Vakgroep Vergelijkende Fysiologie van de universiteit Utrecht;


  • Yvonne Buijvoets heeft de opleiding gedragstherapie bij honden van DogVision voltooid in 1998. Bij het schrijven van dit artikel heeft zij (met toestemming) gebruik gemaakt van de moduleboeken. Meer informatie over de opleiding vindt u op www.dogvision.nl




OPMERKING:

Niets uit dit document mag worden gedownload, gekopieerd, verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze hetzij elektronisch, mechanisch, door opnamen of enig ander manier zonder voorafgaande toestemming van de auteur.



TOT SLOT:

Het gedrag van de hond is een uiterst interessante materie. Bovenstaande tekst is een summiere uitleg over hoe gedrag tot stand komt. Uiteraard kan op de bovenstaande materie dieper worden ingegaan en is dat voor de fijnproevers onder ons een hele uitdaging.


Yvonne Buijvoets
Bestuurslid Secretaris van The Newf Society
&
Kynologisch Gedragstherapeut.


scrollen voor
meer info

 
Copyright 2016. All rights reserved.
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu